Reisimpressies Californië

 

Op uitnodiging van de Rus Garrick Danilov en zijn bekende, de Bulgaar Iordan Dimitrov – typisch dat het juist Slavische mensen zijn die ons in de west uitnodigden – zijn Patrick en ik voorjaar 2001 naar Californië gegaan om daar cursussen te geven in de elementwerelden binnen en buiten ons. Garrick kenden we al van onze vorige trip twee jaar geleden naar Boulder, Colorado, waar we hem op een ‘Star wisdom’ conferentie hadden ontmoet. Hij is chiropracter, en verbonden via studiegroepen aan het anthroposofische centrum Fair Oaks in Sacramento.
Tijdens de tussenlanding op Chicago’s vliegveld O’Hare werden we er ons weer gewaar van waar het in de VS om gaat. Een lange transit-gang tussen twee luchthaventerminals was door een kunstenaar voorzien van op volgorde opflitsende neonverlichtingen die de vorm van een ruggegraat ofwel drakerug hadden. Ahriman, dit was zijn thuisland.
Binnenvliegend in Los Angeles, waar we begonnen zijn, zagen we een half uur lang alleen maar stad, in de verte omringd door bergen. LA, met bijna 20 miljoen inwoners, is 80 bij 120 kilometer groot, doorsneden door vrijwel haaks op elkaar staande snelwegen. Wat een zinderende atmosfeer, tussen de palmbomen door! Het leven in en tussen de meest houten huizen, elk op een eigen stukje grond, is net zo jachtig; alles wordt met de auto gedaan, mede vanwege de afstanden. Een stukje American dream kregen we hier mee. Gezien de kracht die je hier in de grond voelt, was dat niet onaangenaam, omdat je er ook de mogelijkheden voelt om te kunnen doen, en dingen te realiseren. Waar Jordan woonde, bleek het huis te zijn van Bruce Laurelin, een vrije school leerkracht die we twee jaar ervoor ook hadden ontmoet, die ons toen adressen om in Hopi-land aan te kunnen kloppen, had bezorgd. Dit bleek een klein kringetje te zijn, ondanks de uitgestrektheid van de stad.
De ochtend na aankomst werden we uit bed gebeld door een Nederlandse vrouw, Wieb, die ons uitnodigde bij haar te komen logeren, om ’s avonds het familie constellatie werk van Bert Hellinger mee te kunnen doen. Wieb had de schwung van het land goed te pakken, en we hadden een goede tijd bij haar. Overdag in een park in Pasadena (laat je niet misleiden door de naam; die betekent gewoon ‘gore lucht’, nl. de smog van LA), waar we op haar aanraden heengingen, zagen we waarom van Californië wordt gezegd dat het nog een stukje Lemurië is; de plantegroei was zo overduidelijk met vuurkrachten doortrokken, dat we ons, mede door de jet-lag, in een stuk onderwereld bij volle zon waanden. Cactussen met onbeschrijfbare vormen; indigo-blauwe bloemen met scharlakenrode harten – dat zie je bij ons enkel in de avondlijke hemel. En als een bloembed blauwig rose is, dan is het dat ook helemaal, bijna zonder subtiliteit. De mensen zijn wat natuur betreft, flink verwend.
De lezing en kursus die we gaven, was ook in Pasadena, in het oude centrum. Daar was, samen met een strook van een halve kilometer nabij de kust, de enige autovrije weg van heel LA. Aan de voorkant was het gebouw van de anthroposofische vereniging waarin we werkten, verhuurd aan een karate-school, aan de achterkant was in een hoge schuur een soort goetheanum met toneel in het klein verwezenlijkt, beide verbonden door gemeenschappelijke toiletruimten. Tijdens onze samenzang in de kursus werden we enige keren onderbroken door de geschreeuwde gemeenschappelijke groet van de karate-kursisten, wat een komisch contrast bood. De groep kursisten, tussen de 12 en 17 man, bestond uit een gemêleerd gezelschap, de meesten verbonden aan de plaatselijke vrije school. Maar ze waren doordat de cultuur in de VS nog meer in het materialisme is gevallen, zeer wakker en stelden net de vragen waarom het ging om tot een doorgeestelijkte cultuur te kunnen komen. Ze herkenden het werk en gingen er grondig mee aan de slag. We konden dan ook, zij het inleidend, veel innerlijk werk verzetten. Ook voelden we er ons thuis en direct betrokken, alsof we oude bekenden waren tegengekomen, en niet alleen bij de mensen uit het anthroposofische circuit.
Tussendoor, altijd met de auto, nam Iordan vanuit zijn Slavische overdadige gastvrijheid (voor ons kille Hollanders) ons mee naar onder andere Santa Barbara nabij de oceaan, en naar Hollywood. Bij dat laatste troffen we een groot gebouw als een hoge poort in aanbouw waarop in het groot Nimrod/Ahriman aan de ene kant stond afgebeeld. Alsof hij er zijn ‘Arc de Triomphe‘ aan het bouwen was. Erachter was de hoofdstraat van Hollywood, waar van vele culturen of volken een tempelachtig gebouw was neergezet. Bij de Chinese ’tempel’, in hel-achtig rood en zwart uitgevoerd en met demonen-drakekoppen versierd, lagen op de bodem van het plein ervoor de platen beton waarin gedrukt waren de handafdrukken, handtekening en een stuk persoonlijk geschreven tekst van verschillende Hollywood-filmsterren. Alle bezoekende mensen keken omlaag, en je voelde de wensachtige gevoelens hierdoor rond gaan woelen, mede omdat het plein in een soort lemniscaat (een acht-vorm) was omsloten door muren. De gevoelens van de mensen, en ook van de daar aanwezige zielen van de (meest overleden) sterren, werden ingevangen, werden stroperig en onhelder, en ik voelde dat je daar met je ziel moest betalen; dat het waarnemen aldaar niet om niet was. Ik kon het niet laten om het plein astraal te reinigen, en nam hierna een hele sleep van angst en wensdromen met me mee, dat me niet door de daar heersende wezens in dank werd afgenomen, en pas na een tijdje van me afviel. Patrick had aan de overkant van de straat het plaatselijk hoofdgebouw van de vrijmetselaars gezien, waar op de gevel pronkte ‘Wij leggen een steen in de aarde en in de harten van de mensen’. Met de terugblik en reconsructie kwamen we erachter dat de astrale wensen en begeerten vanuit de Chinese tempel werden afgevoerd naar dat gebouw. Een stukje praktisch occultisme tussen de drommen toeristen door in een zeer op de buitenkant gericht stukje stad.
Na de kursus huurden we een auto en maakten de tocht naar Sacramento (zo’n 850 kilometer noordwaards) langs de kust, waarvoor we ruim vier dagen de tijd hadden. De eerste keer dat we aan het strand neerstreken, zagen we een groepje dolfijnen voor de kust grazen – walvissen hebben we helaas niet gezien; in het voorjaar zwemmen die wat meer uit de kust naar het noorden. De oceaan was overweldigend in zijn intense golven; een slag hoger dan aan de Atlantische kant. En overal zie je zwartgeklede kikvorsachtige surfers boven de golven uitsteken (het water is te koud om bloot te zwemmen). Onderweg, ergens halverwege waar de rij van kustbergen iets wijkt, vonden we een landschapspunt waarop de aardegod Pan een belangrijk aangrijpingspunt had. Hier werkende, kwamen we op het idee om de aanstaande zonsverduistering van 21 Juni waar we werk in de onderaardse tegensferen gepland hadden (in Nederland), te verbinden met dit landschapspunt, wat we later ook gedaan hebben. Het gevolg van dit werk was, dat onze aanwezigheid op andere plaatsen, zoals de volgende dag zo’n 300 km naar het noorden, bekend was en we ook aanwijzingen kregen. San Fransisco had ondanks zijn wolkenkrabbers een wat Europese sfeer en deed ons aan Amsterdam denken, met zijn woonboten en café’s aan de haven. We zijn hier naar het noorden gereden (natuurlijk over de Golden Gate Bridge) waar dichte redwoods de heuvels bebosten,om onze laatste vrije dag door te brengen. Bij werk met deze bomen vertelde er ons een grote oude, dat we om ons werk te kunnen doen in de natuur en het land, enkel hoefden te zingen. Dit in antwoord op een vraag van mij.
Sacramanto is de hoofdstad van Californië en ligt zo’n 150 km landinwaards op een warme vlakte. Het is voor Amerika een rustige stad, een slag kleiner dan de mega-steden Chicago, LA die we dit keer gezien hadden. Garrick liet ons de oude stad zien, met de rivier en het oude in tact gelaten (toeristische) stukje stad uit het wild west-verleden, met paardentrog en houten galerijen voor de kroeg en het postkoetshuis. De dag van onze aankomst waren er door een ongewone harde passaatwind vele taken van de bomen afgerukt. Wat niet verhinderde dat het ’s nachts zo warm was dat het moeilijk slapen was, mede door de loeiende politiesirenes om de zoveel tijd. Garrick liet ons ook de parlementsgebouwen van Californië zien, een replica van het witte huis in Washington; daaraan werd ons een stukje manipulatieve vrijmetselaarsarchitectuur duidelijk. Zo groeien in de tuinen rondom het gebouw alle (aangeplante) bomen van Californië, om de levenskrachten van de gehele staat daar te verzamelen.
Het werk deden we bij iemand thuis, die woonde in de buurt van Fair Oaks, dat is het anthroposofisch-fenomenologische centrum aan de westkust van de VS (nabij New York, in Spring Valley, ligt het andere centrum; Patrick heeft dat later bezocht). Een schitterende tuin met beekje vormde ons werkdecor. Ook hier waren de mensen erg geïnteresseerd, maar mede door wat tegenwerking van astrosofen op Fair Oaks die we kenden van Boulder twee jaar daarvoor (het is helaas weer het ene kliekje tegen het andere), was de publiciteit niet groot geweest, en daarom de opkomst ook niet. Met 8 kursisten na een redelijk druk bezochte lezing, hebben we twee dagen intensief gewerkt, en ook contacten gelegd om daar of op Fair Oaks terug te kunnen komen. Net als in LA was de interesse in de Rune-instrumenten groot – al heeft dat tot nog toe niet tot concrete bestellingen of uitnodigingen geleid. Ook hier ervoerden we ons weer thuis tussen oude bekenden.
Als laatste namen Garrick en zijn vrouw ons mee naar Mount Shiasta, een heilige berg op drie uur rijden naar het noorden vanuit Sacramento. Daar zou het spirituele centrum, zo niet van het hele continent, dan toch van de westkust zijn. Het stadje aan de voet ademde een New Age sfeer, met winkeltjes met wierook en goeroe-boeken en posters, elkaar omhelzende mensen etc. Het gaf een wat decadente indruk, helemaal niet als een krachtig spiritueel centrum waar het zich op voor liet staan. We hoorden later dat de laatste ingewijdenschool reeds meer dan vijftig jaar ervoor was vertrokken. De berg zelf, een op dat moment niet actieve vulkaan met een ijskap, bleek een gevallen berggeest te hebben, die eerder vluchtte op onze aankondiging dan dat die zich rechtop wilde tonen. We zijn naar de boomgrens geklommen en vanuit haar eigen noodkreet heb ik getracht al zingende bij haar te komen en haar rechtop te krijgen. Tijdens dit zingen, mede door mijn wens de bron van haar verwording gewaar te willen worden, terwijl Patrick zo’n 50 meter daarvandaan kleurbewegingen zong als een soort reinigingsproces, vielen de kluisters van de ufo-wezens waarmee zij verbonden was, als droog-metallieke boeien van haar af. Het volgende beeld dat zich toonde was dat op basis van ons gezang zij van Godvader een bal in haar geestkelk kreeg (door Moeder Aarde opgehouden, door Christus bezorgd), die zij daarna in haar midden diende te verteren en omvormen om weer een rechtopgaande en gezonde geest te kunnen worden. Ik ben me er van bewust dat dit vreemde, fantast-achtige taal is, maar ik kan mijn beelden ook niet anders beschrijven dan dat ik ze waarnam. Mijn indruk was dat het een mysterieplaats van moeder Sofia kan zijn geweest –dit mede omdat zij functioneerde op de basale 5/4 maat, van Venus, terwijl er overal Mercuriussymbolen in de stad en op de bergrug waren afgebeeld (de zesster) –, maar dat het nog wel een tijd zal duren voordat die berggeest en die plaats weer gereinigd genoeg is om opnieuw een spiritueel oprecht centrum te zijn. Overigens hebben we Pike’s Peak nabij Colorado Springs in Colorado 2 jaar ervoor als een veel krachtiger geestelijk centrum ervaren (de Hopi indianen noemen die plek het ‘geestelijk centrum van de aarde’).
De volgende dag stond ik in San Fransisco op het vliegveld, dat om de paar minuten flink trilde van de aardschokken, en nam afscheid van het land waar ik me zo thuis was gaan voelen. Dat was zeker niet de laatste keer geweest, stond me duidelijk voor de geest.

Nicolaas de Jong.


Terug naar Opiniepagina

 

Terug naar Home page